Moussa Don Pandzou is sociaal‑cultureel werker, schrijver en maker. Hij werkt met verschillende gemeenschappen rond dekolonisatie, racisme, discriminatie en jeugd(beleid). In zijn praktijk zoekt hij naar kiemen van projecten die burgerparticipatie versterken — en naar taal om “moeilijke woorden” toegankelijk te maken voor een breed publiek.

“Die grote begrippen hebben een vertaalslag nodig. Daarom schrijf ik, maak ik reportages, sta ik op een podium: om het gesprek te openen.”

Een liefdesbrief aan België — en een zoektocht naar roots

Als jongen keek Moussa naar België als een mogelijke liefde. “Ik schreef België honderden brieven: zie mij, aanvaard mij.” Maar ouder worden brengt een nieuw inzicht: misschien ben je meer dan wachten in de voorhal van andermans bevestiging.

Die verschuiving leidt naar Congo: het moederland als plek om te herbronnen. “Om te weten waar je naartoe moet, moet je weten van waar je komt.” Die worteling geeft stevigheid: zoals een boom die pas vruchten draagt als zijn wortels diep genoeg zitten.

Wat heet ‘goed genoeg’ om Belg te zijn?

Moussa fileert het impliciete script van de ‘goede Belg’: je past je aan, valt niet op, klaagt niet, bent dankbaar en gebruikt de instituties zonder te veel frictie te tonen.

“Ik heb sociaal kapitaal en een woordenschat die dat beeld onder druk zet. Dat voelt paradoxaal, maar het is nodig om ruimte te maken voor andere levensverhalen.”

Diaspora & participatie: zien wat er al gebeurt

De Congolese diaspora in België omvat inmiddels tweede en derde generaties. Binnen moskeeën en kerken bestaan intergenerationele praktijken van zorg en buurtgerichte initiatieven: ontmoeting, feesten, samen gebouwen dragen, elkaar informeren en organiseren.

Die vormen van burgerparticipatie vallen vaak buiten klassieke kaders (adviesraden, formele trajecten). Moussa pleit voor een herkadering: als je andere participatieculturen herkent en professionaliseert, komt beleid dichter bij de realiteit van burgers.

“Zie de diaspora als groep met eigen noden én meerwaarde. Herken hun manieren van samen handelen. Maak ruimte waar bestaande instellingen te smal zijn.”

Moussa verwijst naar onderzoek dat de Congolese gemeenschap vaak hoog opgeleid noemt, maar op de arbeidsmarkt fors wordt gediscrimineerd. Juist daarom is erkenning en toegang cruciaal.

Vergeten verhalen: zonder verleden geen richting

België en Congo delen een gekruist verleden. Decennialang domineerde één narratief: het beschavingsverhaal. Vandaag vraagt Moussa — met velen — om een meerstemmig verhaal dat ook pijn, dominantie en verlies benoemt.

“Je weet pas waar je naartoe kunt als je weet waar je vertrekt. Scholen, vrije tijd, media: iedereen heeft hier een rol in.”

Restitutie als ‘herstel’: erfgoed dat leeft (Kakungu)

In het debat over restitutie verkiest Moussa het woord herstel. Niet alleen geld of objecten staan centraal; het gaat om relaties.

Het voorbeeld van het Kakungu‑masker toont dat erfgoed leeft: voor sommigen is het een voorouder die ontheemd raakte. Sommige gemeenschappen verlangen niet het object terug, maar wel ritueel en gesprek — of gelijke mobiliteit (visums, bewegingsvrijheid) als deel van herstel.

“Erfgoed kan een katalysator zijn. Niet om met angst de doos van Pandora te openen, maar om eindelijk samen te spreken over wat recht doet.”

Musea, beleid en lokale context: geen one‑size‑fits‑all

Er is geen uniform recept. Elk lokaal traject vraagt aftasten, vertrouwen, en het erkennen van ervaringsdeskundigheid. Geef eigenaarschap aan betrokken gemeenschappen — meer zwarte experts aan tafel, co‑creatie in plaats van spreekbeurten. Zo ontstaan oplossingen die eerder ondenkbaar leken.

Het spanningsveld België–Congo: wie heeft welke zorgen?

De prioriteiten van de diaspora (racisme, toegang tot werk en wonen) botsen soms met die in Congo (corruptiebestrijding, armoede, oorlog, gezondheidscrises). Dat spanningsveld wordt al te vaak uitgespeeld in een verdeel‑en‑heers‑logica: de “Europeaan” versus de “thuisblijver”.

“De uitwerking van koloniale verhaallijnen stroomt nog in onze aderen. Overal ter wereld is de positie van zwarte mensen precair geweest. De finale vraag blijft: respecteer die zwarte identiteit.”

Hoopvolle praktijken: paddenstoelen na de regen

Wat houdt de moed levend? Kleine, goede praktijken: een buurthuis in Molenbeek waar witte senioren en jongeren met diverse achtergronden elkaar dragen; grassrootsgroepen die, ondanks verrechtsing en krimpende kansen, zorg en solidariteit cultiveren.

“Die paddenstoelen moet je water geven. Dan bloeit een wijk, een stad, een land.”

Boodschap aan beleidsmakers, jongeren en publiek

We kampen met handelingsverlegenheid: na de golf van 2020 verdween de adem bij velen. Moussa’s oproep: blijf verschijnen.

Beleidsmakers: open processen, kort de afstand, deel macht en mandaat.

Jongeren: ken je roots, bouw taal voor je ervaring, organiseer je.

Publiek: ga het gesprek aan buiten je bubbel; fouten horen erbij als je echt luistert.

Leave a Reply

Trending

Discover more from Beleidsmakers 2.0

Subscribe now to keep reading and get access to the full archive.

Continue reading